Gewijzigde regels bij herbeoordeling
Eind 2004 zijn de regels voor de beoordeling van het recht op een WAO-uitkering strenger geworden.
Sinds 2004 wordt u minder snel dan vroeger arbeidsongeschikt verklaard. De meeste mensen die eind 2004 een WAO-uitkering hadden worden door UWV opgeroepen voor een herbeoordeling.
Word ik opnieuw beoordeeld?
U krijgt te maken met een herbeoordeling als:
- U op 30 september 2004 al een WAO-uitkering had.
- en U op 1 juli 2004 jonger was dan 45 jaar.
Was u op 1 juli 2004 ouder dan 45 jaar? Dan krijgt u niet te maken met de strengere regels. Het UWV kan u wel oproepen voor een herbeoordeling. Dan gelden dezelfde regels als bij uw vorige beoordeling.
Let op:
- Was u op 1 juli 2004 tussen de 45 en 50 jaar oud en bent u nog niet herbeoordeeld? Dan krijgt u wel een herbeoordeling. Maar het UWV zal de oude regels gebruiken.
- Was u op 1 juli 2004 tussen de 45 en 50 jaar oud en bent u al wel beoordeeld? Dan geldt het volgende:
- Is uw uitkering gelijk gebleven of verhoogd? Dan wordt u niet meer opgeroepen. U houdt de uitkering die u nu heeft.
- Is uw uitkering na de eenmalige herbeoordeling verlaagd of gestopt? Dan wordt uw dossier opnieuw bekeken. Het UWV bekijkt hoe hoog uw uitkering moet zijn op basis van de oude regels. Blijkt dan dat u recht heeft op een hogere uitkering? Dan gaat die hogere uitkering in vanaf 22 februari 2007.
Veranderingen in de beoordeling door de verzekeringsarts
Er is weinig veranderd in de beoordeling door de verzekeringsarts. Net zoals voorheen kijkt de arts naar uw gezondheid, uw klachten en wat u nog kunt doen.
In sommige situaties zal ook een tweede arts uw situatie beoordelen. Bijvoorbeeld als de eerste arts vindt dat u helemaal niet meer kunt werken. En dat het niet nodig is dat u een gesprek heeft met een arbeidsdeskundige.
Er is nog iets veranderd. Iemand kan alleen volledig arbeidsongeschikt worden verklaard op psychische gronden als er sprake is van een ernstige psychische stoornis. Daarmee wordt bedoeld dat iemand:
- Niet meer goed voor zichzelf kan zorgen én
- niet in staat is persoonlijke, familie- en werkrelaties te onderhouden.
Veranderingen in de beoordeling door de arbeidsdeskundige
De arbeidsdeskundige kijkt welke banen u nog zou kunnen doen. En wat u daarmee kunt verdienen. Er is een aantal veranderingen in deze beoordeling. Een voorbeeld:
- De arbeidsdeskundige moet 3 functies vinden met elk 3 werkplekken. Hiervoor waren dat 3 banen met samen 30 arbeidsplaatsen en tenminste 7 arbeidsplaatsen per baan.
- Er wordt geen rekening meer gehouden met ontbrekende vaardigheden. Zoals geen Nederlands spreken of niet met een computer kunnen omgaan. De arbeidsdeskundige mag banen selecteren met eisen waaraan u met weinig moeite binnen 6 maanden kunt voldoen.
- Werkte u in deeltijd? Dan mag de arbeidsdeskundige ook voltijdse banen kiezen. Behalve wanneer de verzekeringsarts heeft bepaald dat u minder uren kunt werken.
- Het arbeidspatroon (zoals ploegendienst) speelt geen rol meer bij het zoeken van banen (behalve dan werk tussen 00.00 en 06.00 uur, als u dat niet eerder deed).
De arbeidsdeskundige zal met deze nieuwe regels meer geschikte banen kunnen vinden dan voorheen. Hoe hoger het loon van de banen die hij vindt, hoe lager uw arbeidsongeschiktheidspercentage. De kans is nogal groot dat u (een deel van) uw uitkering kwijtraakt.
Kijk ook naar:



