Welder Nieuws, nr 1 (juli 2008)
BPV&W verder als Welder
Welder is vanaf nu de nieuwe naam van het Breed Platform Verzekerden en Werk (BPV&W). Welder staat voor een nieuwe fase waarin we ons verder ontwikkelen als een onafhankelijk kenniscentrum met een gezondere financiële basis.
Een nieuwe naam die meer aanspreekt dan het oude BPV&W en bovendien makkelijker is te onthouden. Welder wil een bron zijn van kennis, klantervaringen en contacten, een brug tussen de ervaringswerelden van cliënt en uitvoerders, en een verbinder zijn van goede ideeën en oplossingen. De missie blijft onveranderd: burgers met een gezondheidsprobleem, chronisch ziekte of handicap deskundig ondersteunen en versterken, zodat zij zelfstandig en goed voorbereid kunnen omgaan met hun werkgever, arbodienst, uitkeringsinstantie, re-integratiebedrijf of verzekeraar.
Onze dienstverlening aan individuen bestaat uit een telefonische advieslijn, www.vraagwelder.nl en diverse themasites, brochures en zelfhulpinstrumenten. Deze dienstverlening is er voor iedereen met een gezondheidsprobleem of handicap die informatie zoekt over het krijgen en houden van werk, uitkeringen en verzekeringen. Bij onze advisering staan de positie en eigen regie van deze mensen voorop. Diverse intermediaire organisaties verwijzen mensen met specifieke vragen op het gebied van werk, sociale zekerheid, re-integratie en gezondheid door naar VraagWelder.
Welder ondersteunt steeds meer zakelijke klanten en intermediairs zoals cliënten- en patiëntenorganisaties, SUWI-uitvoerders en professionals. Welder wil daarbij een brug zijn tussen twee werelden; de systeemwereld en de ervaringswereld. Tot de systeemwereld hoort expertkennis over werk, sociale zekerheid, re-integratie, diagnose, begeleiding en behandeling. Tot de ervaringswereld hoort de unieke ervaringskennis over eigen ziekteproces en de gevolgen van gezondheidsproblemen in relatie tot werk en inkomen. Beide werelden staan soms op gespannen voet met elkaar. Binnen deze confrontatie van beide werelden wil Welder trachten een brug te slaan en met ook met de zakelijke klanten hiervoor nieuwe ideeën ontwikkelen.
Vraagwelder: voor al uw vragen over gezondheid en werk, inkomen en verzekeringen
De voorlichtingsactiviteiten van Welder zijn gebundeld in VraagWelder. In de eerste halfjaar van 2008 is onze website bijna 260.000 keer bezocht. 1747 mensen stelden hun vraag aan onze advieslijn. En er zijn bijna 5.500 brochures, boekjes en informatiebladen verstuurd of gedownload. Een duidelijk bewijs voor de constante behoefte aan informatie die Welder verspreid.
Hebt u een gezondheidsprobleem of handicap en heeft u een vraag over het vinden en houden van werk, uitkeringen óf verzekeringen? Dan kunt u terecht bij Vraagwelder.
Internet: www.vraagwelder.nl
Mail: Stel u eigen vraag via www.vraagwelder.nl/advieslijn (€1,30 per mail)
Advieslijn: 0900 4800300 (€0,30/m), op werkdagen geopend van 12.00 tot 17.00
Uit de praktijk
Elke maand beantwoorden de medewerkers van de Advieslijn VraagWelder tientallen vragen over werken, uitkeringen en verzekeringen in relatie tot gezondheid. In deze rubriek leest u een aantal opvallende vragen die aan ons werden voorgelegd. Deze maand:
• onderzoeken bij het afsluiten van een levensverzekering en
• onduidelijkheid over de herbeoordeling van oudere WAO-ers.
Medische keuringen bij het afsluiten van een levensverzekering
Regelmatig komen bij onze Advieslijn vragen binnen over de medische keuring die soms noodzakelijk is bij het afsluiten van een levensverzekering. Enkele voorbeelden:
”Mijn vrouw en ik willen een huis kopen. We hebben een levensverzekering aangevraagd met een verzekerd bedrag van €120.000. Op de gezondheidsverklaring hebben we aangegeven dat we niet roken. De verzekeraar eist nu een urineonderzoek om vast te stellen of we echt niet roken. Mag dat?”
Verzekeraars bepalen aan de hand van een gezondheidsverklaring welk medisch risico de kandidaat verzekerde voor de verzekerde vormt. Bij een verzekerd bedrag lager dan €160.000, vindt er normaliter geen medische keuring plaats als de gezondheidsverklaring daar geen aanleiding toe geeft. Het is dan ook vreemd dat de verzekeraar een urine-onderzoek voorstelt om te onderzoeken of de aanvragers roken terwijl de aanvragers aangeven niet te roken.
Als dit de normale gang van zaken zou zijn dan kan bij elk antwoord vervolg onderzoek plaatsvinden. We hebben de beller dan ook geadviseerd contact op te nemen met de verzekeraar over het waarom van dit onderzoek.
“Ik ben arts en voer erfelijkheidsonderzoek uit. Enkele van mijn cliënten willen op mijn advies een enzymenonderzoek laten doen omdat zij mogelijk drager zijn van een gen dat een erfelijke ziekte veroorzaakt. Mijn cliënten willen ook een huis kopen. Daarom wil ik graag weten of enzymenonderzoek ook onder erfelijkheidsonderzoek valt? “
De afgelopen maand stond erfelijkheidsonderzoek in de belangstelling van de media door de ontwikkelingen rond de selectie van embryo’s met zeer ernstige ziektes. Onze adviseurs beantwoorden regelmatig vragen van mensen die erfelijkheidsonderzoek overwegen of hebben gedaan en die willen weten wat de gevolgen zijn voor het aanvragen van een verzekering. Bij verzekeringen onder de €160.000 mag een verzekeraar niet vragen of ooit erfelijkheidsonderzoek is gedaan. Mensen hoeven dan ook niet te melden als zij erfelijk belast zijn. Alleen als zij al klachten hebben die horen bij een erfelijke ziekte dan moeten ze dat wel melden. Is het bedrag van de levensverzekering hoger dan €160.000 dan moet de aanvrager de uitslag van het erfelijkheidsonderzoek wel melden als een verzekeraar daar om vraagt.
De arts in de bovengenoemde casus vraagt zich af of onderzoek naar enzymen ook valt onder erfelijkheidsonderzoek. Om een antwoord te geven op deze vraag, pakten wij het Moratorium Erfelijkheidsonderzoek er bij. Hierin staat dat erfelijkheidsonderzoek een onderzoek is door of via een arts op chromosomaal of DNA-niveau naar erfelijke eigenschappen. Het door de arts genoemde enzymenonderzoek valt binnen deze omschrijving. Dit betekent dat indien de cliënten een levensverzekering afsluiten voor een bedrag groter dan €160.000 en de verzekeraar vraagt of zij erfelijkheidsonderzoek hebben laten uitvoeren, dat zij dat dan moeten melden.
Onduidelijkheid over de herbeoordeling van oudere WAO-ers
De afgelopen maand ontvingen wij diverse signalen van oudere WAO-ers die meer dan een jaar geleden wel bij een verzekeringsarts zijn geweest en nu opnieuw worden opgeroepen voor een herbeoordeling. Een voorbeeld:
“Ik ben 49 jaar. Vorig jaar ben ik in april bij een verzekeringsarts geweest voor een herbeoordeling. Mijn uitkering is toen niet aangepast. Nu krijg ik opnieuw een oproep om bij de keuringsarts te verschijnen. Dat klopt toch niet?”
Als we doorvragen dan blijkt dat mensen met deze vraag vorig jaar een onafgeronde eenmalige herbeoordeling hebben gehad. Alle mensen die op 1 juli 2004 jonger waren dan 50 jaar en al een WAO-uitkering hadden, zijn de afgelopen jaren herbeoordeeld volgens strengere regels.
Vorig jaar heeft het kabinet besloten dat de leeftijdsgrens voor de eenmalige herbeoordeling verlaagd werd van 50 naar 45 jaar. Toen dit beleid bekend werd, heeft UWV niet alle herbeoordelingen van mensen tussen de 45 en 50 die toen gaande waren afgemaakt. Deze mensen krijgen nu alsnog een herbeoordeling volgens de oude regels. Zoals uit de casus blijkt, leidt dat tot vragen.
Welder on tour langs woningcorporaties
Welder, Quintis en CrossOver tourden in mei en juni door Nederland om medewerkers, leidinggevenden en P&O-ers van woningcorporaties te informeren over een inclusief personeelsbeleid. Quintis is een managementadviesbureau dat werkt voor o.a woningbouwcoöperaties en de overheid. CrossOver is een kenniscentrum dat informatie toegankelijk maakt voor jongeren met een beperking Het doel: de woningcorporaties instrumenten in handen geven om meer mensen met een beperking in dienst te nemen én te houden.
De tour langs de woningcorporaties is een onderdeel van het project de ‘G-factor. Dit project dat mogelijk is gemaakt door het Fonds Leren en Ontwikkelen Woningcorporaties (FLOW) is opgezet door Quintis, Cross over en Welder-Aanleiding voor het project is een onderzoek van FLOW waaruit blijkt dat woningcorporaties graag aandacht willen geven aan specifieke doelgroepen waaronder arbeidsgehandicapten. Toch lukt het in de praktijk zeer beperkt om mensen met een beperking in dienst te nemen. Het project de G-factor heeft als doel om corporaties concrete handvatten te bieden om een praktische invulling te geven aan een inclusief personeelsbeleid wat betreft arbeidsgehandicapten.
Eén van de handvatten uit het project betreft de G-box. Dit is een box voor P&O-ers van woningcorporaties met informatie en instrumenten die hen kunnen helpen bij het in dienst nemen en houden van mensen met een beperking. Welder heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan de instrumenten in de G-box.
Om het project en de G-box te promoten is door Quintis, Welder en CrossOver een promotietour gehouden langs diverse woningcorporaties. Tijdens deze tour maken corporaties kennis met de G-box, kunnen medewerkers een ervaringsparcours afleggen en vinden ontmoetingen plaats met stakeholders uit de vestigingsplaats. Inmiddels heeft de tour de eerste concrete resultaten opgeleverd. Woningcorporatie ‘De Woonplaats’ in Enschede biedt het komend schooljaar een stageplek aan vier jongeren met verstandelijke handicap van De Huifkar, een school voor voortgezet speciaal onderwijs.
Meer informatie over dit project leest u op de site van www.quintis.nl.
Werken aan de toekomst: het Werkcafe
Het succesvolle WAO café is per 1 juli gestopt omdat de subsidie van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is beëindigd. Voor delen van de helpdesk van Welder dreigt per 1 januari 2009 hetzelfde omdat VraagWelder ook voor een belangrijk deel afhankelijk is van subsidies van het hetzelfde ministerie.
Het WAO café en Welder hebben bij de laatste subsidietoekenning de opdracht gekregen een plan te maken hoe de dienstverlening in de SUWI keten geborgd kan worden. Intussen tijd moest de dienstverlening van VraagWelder en de publiciteit daarom heen tot 1 januari 2009 doorgaan.
Stichting het WAO café en Welder zijn al enige tijd opzoek naar een nieuw model waarbij communities in de regio ontstaan waar cliënten terecht kunnen. Nadruk ligt op onafhankelijkheid, ware levensgebeurtenissen van cliënten (life events), delen van ervaring door cliënten, empowering, zelfwerkzaamheid en cliënten actief maken. Aan dit zeer innovatieve model is de voorlopige naam van Werkcafé gegeven. Naast de deze gemeentelijke/regionale Werkcafés is een landelijke ondersteuning noodzakelijk. Dit moet mede voorkomen dat het werk op meerder plaatsen dubbel wordt gedaan.
In feite sluit dit model aan op de ontwikkeling van circa honderd Locaties Werk en Inkomen (afgekort in LWI) in de regio’s. Hierin werken de gefuseerde organisatie van UWV en CWI samen met de gemeenten en in het bijzonder de sociale diensten.
Het is de bedoeling dat de LWI’s en zoveel mogelijk samenwerken met de Werkcafe’s op plaatselijk en regionaal niveau. Het verschil is echter dat de Werkcafe’s vanuit het cliëntperspectief kijken en de LWI vooral wet- en regelgeving moeten uitvoeren.
Stichting Wekcafé en Welder willen dit model van de Werkcafe’s de komende tijd verder uitwerken en aanbieden aan gemeenten en politiek. Daarbij is het van belang dat er een gezond financieel plaatje ontstaat. Om zover te komen wordt een bedrijfsplan gemaakt. Stichting Instituut GAK gaat het leggen van contacten met de gemeenten en het ontwikkelen van het bedrijfsplan met een subsidie financieren.
Arbomonitor Werknemers
Arbodiensten laten wel onderzoeken hoe zij het volgens werkgevers (hun opdrachtgevers) doen. Maar aan die andere belangrijke klant van de arbodienst – de werknemer – wordt weinig gevraagd. Welder wil via onafhankelijk onderzoek te weten komen wat werknemers bezighoudt als het gaat om hun werk en werkomstandigheden. Krijgt de werknemer wat ie nodig heeft? Is er behoefte aan iets wat er nog niet is?
Om dit te kunnen onderzoeken heeft Welder in 2007 samen met BoaBorea een eerste versie van de Arbomonitor Werknemers ontwikkeld en toegepast. Aan deze pilotversie namen ruim 300 respondenten deel. De bevindingen hiervan legt Welder ter discussie voor. Dat kan richting geven aan de wijze waarop dit in een volgende versie van de Arbomonitor Werknemers aan de orde kan komen. Het is de bedoeling de Arbomonitor Werknemers periodiek te gaan herhalen. De output ervan is ook interessant voor werkgevers en personeelsdiensten bij grote bedrijven.
Aanbodgedreven markt
De markt lijkt op basis van de onderzoeksresultaten voornamelijk aanbodgedreven. Het niet herkennen van dit aanbod door de werknemer roept de vraag op voor wie het aanbod dan wel goed is. Het sluit opvallend niet aan op de “latente” vraag van werknemers.
Het gegeven, dat de werknemer wel ontvankelijk is voor bespreking van dit onderwerp nodigt uit tot een aanmoediging aan ondernemers en ondernemingsraden om vanuit de latente vraagstelling het onderwerp op de agenda te zetten en er resultaten mee te bereiken. Zeker als hierin het zorgpunt “belasting/belastbaarheid op den duur” aan de orde komt.
Interessante bevindingen Arbomonitor Werknemers 2007:
- Werknemer is ontvankelijk voor bespreking van het thema Arbeid en Gezondheid, zelfs via de werkgever, maar is niet aangesloten bij bespreking van dit thema.
- Werkgever werkt al wel aan diverse voorzieningen, maar de werknemer merkt het niet, ziet geen aansluiting op diens (latente) wensen/behoeftes.
- Werknemers hebben behoefte aan een betrouwbare arbodienstverlener, maar hebben geen vertrouwensrelatie met arbodienstverleners: Werknemers hebben hoofdzakelijk contact met arbodienstverlener via verzuim. Bouwen daardoor geen vertrouwensrelatie op.
- Werknemer voelt zich (nu) fit, maar maakt zich er zorgen over of hij/zij op den duur bestand is tegen de mentale en fysieke belasting van het werk en herkent hiervoor geen aanbod bij de (huidige) dienstverleners/voorzieningen.
Sterk naar werk. Ziek en mondig in de eerste lijn
Welder werkt in 2008 en 2009 in het project: ‘Sterk naar werk. Ziek en mondig in de 1e lijn’ samen met de NVAB aan de versterking van de werkende met gezondheidsklachten. Stichting Instituut Gak (SIG) ondersteunt dit plan financieel voor 2 jaar. Binnen ruim 15 regionale initiatieven krijgt het thema ‘Arbeid en gezondheid’ hiermee een nieuwe invulling.
Zelf de regie in handen houden
Wie ziek wordt, ziet zijn situatie abrupt veranderen. In de nieuwe situatie moet de zieke opnieuw een balans vinden. ‘Sterk naar werk. Ziek en mondig in de 1e lijn’ is erop gericht om mensen met gezondheidsklachten beter toe te rusten om hun werk en andere taken weer snel en duurzaam op te pakken.
Uitgangspunt is dat de zorg rond de werkende met gezondheidsklachten zo is ingericht dat diegene zoveel mogelijk zelf de regie in handen houdt of neemt. Het is de bedoeling dat er concrete acties worden opgezet om de zelfregie bij de werkende te bevorderen. Ook vinden partijen het wenselijk dat bij het bezoek aan bijvoorbeeld de huisarts of psycholoog naast aandacht voor de gezondheidsaspecten direct ook beoordeeld wordt welke gevolgen de diagnose en behandeling voor het eigen werk kan hebben. De huisarts of psycholoog schakelt daarbij gericht andere deskundigen in.
Bedrijfsarts in de eerste lijn
Het project richt zich onder meer op situaties waarin bedrijfsartsen samenwerken met huisartsen. Dit gebeurt nu al op een aantal plaatsen in de eerstelijns gezondheidszorg. Bijzonder in de plannen is de aandacht voor de rol van de professionals in de ‘eerste lijn’. Juist deze professionals kunnen gezondheidsklachten al in een vroeg stadium in verband brengen met iemands werk. Voordeel hiervan is het brede bereik van de eerstelijnszorg, namelijk niet alleen mensen in loondienst maar ook anderen die betaald en onbetaald werk doen, zoals vrijwilligers, mantelzorgers, studenten en zelfstandigen, en die gezondheidsvragen hebben die met werk kunnen samenhangen. Ook is de verwachting dat de MKB-werknemers via de 1e lijnszorg beter bediend kunnen worden op hun arbeidsgerelateerde vragen.
Een huisarts, bedrijfsarts of andere hulpverlener die zelfregie (‘empowerment’) bij (zieke) cliënten wil stimuleren en daarin ook de relatie tussen gezondheid en arbeid betrekt kan via dit project inhoudelijke en financiële ondersteuning van regionale initiatieven, die innoverend zijn op het vlak van arbeid en gezondheid.
Voor meer informatie en aanmelding van een initiatief kan men terecht bij Will Mossink (Welder, 020 4800 333, Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. ) of Jos Manders (NVAB, 030 2845750, Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. ).

